Wetsvoorstel
21-12-2005

Sabine de Bethune

Wetsvoorstel tot regeling van de bekendmaking in het Duits van de wetten en koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid (3-1495)

Ingediend door de heer Berni Collas c.s.
 


TOELICHTING

--------------------------------------------------------------------------------

Dit wetsvoorstel is optioneel bicameraal, overeenkomstig artikel 78 van de Grondwet. Het hangt samen met een wetsvoorstel van dezelfde indieners dat verplicht bicameraal is overeenkomstig artikel 77 van de Grondwet en dat ertoe strekt de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap te wijzigen (stuk Senaat, nr. 3-1496/1).

Dit voorstel brengt wijzigingen aan in de wet van 31 maart 1961 betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken, waar het gaat om de bekendmaking van wetten in de Duitse taal, en in de artikelen 40 en 56, van de door het koninklijk besluit van 18 juli 1966 gecoördineerde wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, waar het gaat om de bekendmaking van koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid in de Duitse taal.

De wetsvoorstellen hebben als doelstelling vorderingen te maken inzake de bekendmaking in de Duitse taal van een groter aantal wettelijke en verordenende teksten, hierbij voortgaand op de lering die we kunnen trekken uit arrest nr. 59/94 dat het Arbitragehof op 14 juli 1994 heeft uitgesproken.

Dit arrest eist dat alle wettelijke en verordenende teksten afkomstig van de federale overheid van na 1 januari 1989 systematisch in het Duits worden vertaald, waarbij die vertaling binnen een redelijke termijn na hun bekendmaking in het Nederlands en het Frans in het Belgisch Staatsblad moet volgen. Wat de teksten van voor 1 januari 1989 betreft, staat het Hof toe dat ze slechts geleidelijk aan een Duitse vertaling krijgen, naar gelang van het belang dat ze hebben voor de bevolking van het Duitse taalgebied.

Uiteraard blijft het onze doelstelling om, overeenkomstig vermeld arrest, binnen een redelijke termijn na de bekendmaking ervan in het Nederlands en het Frans, te zorgen voor de Duitse vertaling van alle wettelijke en verordenende teksten afkomstig van de federale overheid van na 1 januari 1989. Omdat er evenwel een belangrijke achterstand te betreuren valt inzake vertalingen in het Duits, wensen we prioriteiten voorop te stellen bij het verwezenlijken van dat doel.

De achterstand inzake Duitse vertalingen is groot. De Centrale Dienst voor Duitse Vertaling, die momenteel met die vertalingen belast is en die in Malmedy gevestigd is, heeft nooit de mogelijkheid gekregen om die taak, onder andere wat basisteksten als het Burgerlijk Wetboek of het Strafwetboek betreft, te vervullen. Voor vele belangrijke wetten waarvan het belang voor de inwoners van het Duitse taalgebied voor de hand ligt en die herhaaldelijk gewijzigd zijn, is overigens op korte termijn een officieuze coördinatie in het Duits nodig.

Naargelang van de wijzigingen die we voorstellen aan de wet van 31 mei 1961 betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken wanneer het om wetteksten gaat, alsook aan de gecoördineerde wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken gecoördineerd door het koninklijk besluit van 18 juli 1966 wanneer het om verordenende teksten gaat, zullen die teksten waarvan blijkt dat ze werkelijk van belang zijn voor de inwoners van het Duitse taalgebied, voorrang krijgen bij de vertaling in het Duits.

Aangezien het bijzonder moeilijk is in de wet objectieve criteria vast te leggen aan de hand waarvan kan worden bepaald welke teksten van dusdanige aard zijn, hebben we voor een pragmatische oplossing gekozen. Naargelang van de aangeboden teksten zal, wanneer het om wetten gaat, de minister van Justitie over het belang ervan beslissen, en wanneer het om koninklijke en ministeriële besluiten gaat, de ter zake bevoegde minister.

Wat de wetten betreft, zal de minister van Justitie het initiatief moeten nemen, rekening houdend met het feit dat het taalgebruik in wetgevingszaken tot zijn bevoegdheden behoort. De minister zal de lijst van in het Duits te vertalen wetten vastleggen op voorstel van de Centrale Dienst voor Duitse vertaling en na advies van de regering van de Duitstalige Gemeenschap. Die regering is inderdaad het best geplaatst om te bepalen welke wetten van belang zijn voor de bevolking van het Duitse taalgebied. De reeds vermelde dienst krijgt de taak die vertalingen te maken.

Wat de koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid betreft, zal de lijst van teksten die bij voorrang in het Duits moeten worden vertaald, door de ter zake bevoegde minister worden vastgelegd.

Zowel voor de wetten als voor de koninklijke en ministeriële besluiten zal onder de teksten die door de bevoegde minister geselecteerd zijn, voorrang worden verleend aan de Duitse vertaling van de voornaamste teksten (namelijk de vermelde wetboeken en de uitvoeringsbesluiten) en aan het tot stand brengen van officieuze coördinaties in de Duitse taal (1) .

Tevens moet, zowel voor de wetten als voor de verordenende teksten afkomstig van de federale overheid, de Duitse juridische terminologie die vooraf tot stand is gebracht door de Commissie welke die terminologie moet vastleggen, in acht worden genomen door de overheid die de Duitse vertaling van die teksten tot stand moet brengen, te weten de Centrale Dienst voor Duitse vertaling in Malmedy, wanneer het om wetten gaat, en de ter zake bevoegde minister, wanneer het om koninklijke en ministeriële besluiten gaat.

Zoals de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap nu voorligt (cf. artikel 76 van die wet) is de arrondissementscommissaris bevoegd voor het Duitse taalgebied onder meer belast met het opstellen en verspreiden van de officiële vertaling in het Duits van « de wetten, decreten, ordonnanties, besluiten en verordeningen ».

We stellen voor in die opsomming de woorden « decreten, ordonnanties, en verordeningen » te schrappen en de bepaling als volgt te vervangen : « ... het opstellen en verspreiden van de vertaling in het Duits van de wetten en koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid ».

We stellen voor dat in een eerste stadium de vertaling in het Duits van de koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid de taak blijft van de Centrale Dienst voor Duitse vertaling, onder leiding van de arrondissementscommissaris bevoegd voor het Duitse taalgebied.

Zoals echter blijkt uit de wijzigingen die wij voorstellen aan de gecoördineerde wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, wordt de vertaling van die besluiten in het Duits in de toekomst de taak van de bevoegde ministers, afhankelijk van het onderwerp waarover ze gaan. Elke federale overheidsdienst wiens bevoegdheid zich over het gehele land uitstrekt, zal bijgevolg over een nader te bepalen aantal vertalers dienen te beschikken die uit het Nederlands of het Frans naar het Duits kunnen vertalen. Verscheidene FOD's hebben reeds lovenswaardige inspanningen in die zin geleverd, zoals de FOD Financiën.

Zoals hierboven aangegeven, zal de vertaling in het Duits van de wetten worden verzorgd door de Centrale dienst voor Duitse vertaling in Malmedy.

Artikel 76 van de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap wordt door het wetsvoorstel opgeheven, maar zoals de voorgestelde tekst bepaalt, gaat die opheffing pas in op de datum die bij koninklijk besluit zal worden vastgesteld. Zolang dat koninklijk besluit dus niet is genomen, blijft de bepaling van toepassing met de door ons voorgestelde wijzigingen. Dat koninklijk opheffingsbesluit dient er slechts te komen wanneer het parlement ons wetsvoorstel tot wijziging van artikel 1 van de wet van 31 mei 1961 betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken en van de artikelen 40 en 56 van de gecoördineerde wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken heeft aangenomen.

De schrapping van de woorden « decreten, ordonnanties en verordeningen » in bovenvermelde opsomming wordt verantwoord door het feit dat de wijze van bekendmaking van de decreten (van de ordonnanties en verordeningen voor de Brusselse instellingen) en de besluiten van de parlementen en regeringen van gemeenschappen en gewesten geregeld wordt in de bijzondere wetten (in de gewone wet voor de Duitstalige Gemeenschap) die de organisatie en de werking van die deelgebieden regelt, namelijk door de artikelen 55 en 84 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen voor het Vlaams parlement, het Frans Gemeenschapsparlement, het Waals parlement en de regeringen die uit die assemblees voortkomen, door de artikelen 33 en 39 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen voor de ordonnanties en besluiten van het parlement en de regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en door de artikelen 47 en 53 van de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap voor de decreten en besluiten van het parlement en de regering van die Gemeenschap.

Een bepaling tot regeling van de vertaling in het Duits van de decreten, besluiten, ordonnanties en verordeningen van Gemeenschappen en Gewesten hoort dus niet thuis in artikel 76 van de voormelde wet van 31 december 1983. Zoals uit bovenvermelde artikelen blijkt, moet die vertaling tot stand worden gebracht door de gewesten en de gemeenschappen, die — op de Duitstalige Gemeenschap na — overigens hun eigen vertaaldienst hebben (2) .

Het gebruik der talen voor de verordeningen en andere ministeriële richtlijnen afkomstig van de federale overheid wordt geregeld door artikel 40 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 18 juli 1966.

Om de zaak te verduidelijken, stellen we niettemin voor in artikel 40 van de gecoördineerde wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken een bepaling op te nemen naar luid waarvan de berichten en mededelingen die de centrale diensten rechtstreeks aan het publiek richten, in het Duits worden gesteld, overeenkomstig de wijzigingen die we voorstellen aan artikel 56, § 1, van dezelfde wetten.

We stellen ook voor het woord « officiële » te schrappen uit de opsomming in artikel 76 van voormelde wet van 31 december 1983 en in de toekomst af te zien van de procedure bij koninklijk besluit om de in Malmedy gemaakte vertalingen officieel te bekrachtigen (zie § 3 van dat artikel, die bepaalt dat de officiële vertalingen door de Koning worden vastgesteld voor ze in het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt).

De Duitse vertalingen, die worden gemaakt door de Centrale Dienst voor Duitse vertaling in Malmedy, kunnen dus onmiddellijk in het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt, zonder dat daarvoor een koninklijk besluit tot officiële vaststelling nodig is.

Die procedure is immers al te zwaar en te omslachtig. Daarbij komt nog dat een dergelijk koninklijk besluit niet tot gevolg heeft dat de Duitse versie van de tekst dezelfde waarde van een authentieke tekst heeft als de Nederlandse en de Franse tekst.

Wanneer het wetten betreft, kunnen alleen de Nederlandse en Franse versie als « authentiek » worden beschouwd, omdat het debat, de stemming, de bekrachtiging en de afkondiging ervan in het Nederlands en het Frans hebben plaatsgevonden. De vertaling van wetten achteraf in het Duits kan de versie in die taal onmogelijk die waarde geven. Wanneer het de koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid betreft, kunnen eveneens alleen de Nederlandse en Franse versies ervan authentiek worden genoemd, omdat ze in die talen genomen werden, wat niet geldt voor de versie in het Duits, die slechts achteraf in die taal werd gesteld.

Over het probleem van de juridische waarde van de Duitse vertalingen van de wettelijke en verordenende teksten werd uitgebreid in het parlement gedebatteerd naar aanleiding van de wet van 10 juli 1973 betreffende de Raad van de Duitse Cultuurgemeenschap.

Uit de parlementaire voorbereiding van artikel 33 van die wet blijkt duidelijk dat « le gouvernement de l'époque, après s'être rallié implicitement à l'avis exprimé par le Conseil d'État, a abandonné l'idée de placer la traduction officielle en langue allemande des lois et arrêtés sur un pied d'égalité absolue avec les textes authentiques français et néerlandais et s'est borné à assurer à cette traduction une sorte de monopole en tant que traduction (3) . La ratification royale ne saurait avoir pour effet de transformer une traduction, même officielle, en texte authentique. » (4) . De term « officieel » betekent gewoon dat « il s'agit d'une traduction établie par un organe officiel, selon une procédure réglementée, et que les autorités publiques doivent l'utiliser, ceci dans un but de garantir la qualité et l'uniformité de la terminologie (5) ».

De procedure van officiële vaststelling van die versie bij koninklijk besluit heeft niet tot gevolg dat ze de authentieke waarde krijgt zoals de versies in het Nederlands en in het Frans. Bij het uitspreken van hun vonnissen steunen de rechtbanken van het gerechtelijk arrondissement Eupen overigens op de wetten en besluiten in hun versie in de Nederlandse en de Franse taal, terwijl de Duitse versie, wanneer ze bestaat, alleen maar ter informatie wordt gebruikt.

Het Arbitragehof eist niet dat de wettelijke teksten en federale verordenende teksten een authentieke versie in het Duits krijgen.

Dat blijkt duidelijk uit het volgende citaat uit arrest nr. 59/94 van 14 juli 1994 :

« Het recht voor een inwoner van het Duitse taalgebied op toegang tot de federale wettelijke en verordenende teksten in zijn eigen taal vereist niet noodzakelijkerwijze het bestaan van authentieke teksten.

Dat de Nederlandse en Franse teksten authentiek zijn terwijl de Duitse teksten officiële vertalingen zijn, vindt zijn grond in de organisatie zelf van de federale instellingen.

Eisen dat een authentieke Duitse tekst van de federale wetten, besluiten en verordeningen bestaat, zou een reorganisatie van de structuren en van de werking van het Belgisch federatief stelsel vergen. Het verschil steunt derhalve op een objectief criterium dat het onderscheid op een redelijke wijze verantwoordt.

De wetsartikelen die het onderwerp zijn van de prejudiciële vragen (6) schenden niet de artikelen 10 en 11 van de Grondwet (de vroegere artikelen 6 en 6bis) in zoverre zij niet voorzien in het bestaan van een authentieke Duitse tekst van de federale wetten, besluiten en verordeningen. ».

In die context is het ook zo dat de vertaling van de decreten en besluiten van de deelgebieden in de taal of talen vereist door de (hierboven vermelde) wetten tot regeling van hun organisatie en werking slechts een vertaling zonder enige authenticiteit is. De voorgestelde wijziging verhindert niet dat de Duitse vertalingen dezelfde waarde hebben als de vertalingen van de decreten van de parlementen en de besluiten van de regeringen van de deelgebieden.

Tot slot stellen we voor artikel 77 van de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap op te heffen.

Dat artikel stelt onder de verantwoordelijkheid van de federale minister van Binnenlandse Zaken een commissie in die « Commissie voor Duitse rechtsterminologie » wordt genoemd.

Aangezien die Commissie hoofdzakelijk belast is met het vastleggen van die terminologie, vervult ze een culturele opdracht in de zin van artikel 4, § 1, van de bijzondere wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap. Daarom moet ze onder de bevoegdheid van de Duitstalige Gemeenschap vallen en dient die Gemeenschap ze bij decreet te organiseren.

Hierbij kan worden verwezen naar het advies van de Raad van State (advies nr. L26.553/3) betreffende een ontwerp van decreet van de Raad van de Duitstalige Gemeenschap, dat het decreet van 26 oktober 1998 betreffende de invoering van de nieuwe Duitse spelling is geworden. In dat advies wijst de Raad van State erop dat de Duitstalige Gemeenschap overeenkomstig artikel 130, § 1, 1º van de Grondwet bevoegd is voor culturele aangelegenheden. Het advies vervolgt dat overeenkomstig artikel 4, § 1, van de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitse Gemeenschap, culturele aangelegenheden die zijn welke zijn vermeld in artikel 4 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen. Artikel 4, 1º, van die bijzondere wet vermeldt als een van de culturele aangelegenheden de verdediging en de luister van de taal. Daarmee bedoelt men onder andere de taalkunde, de spelling en de terminologie ... De aangelegenheid bedoeld in dit ontwerp valt dus onder de bevoegdheid van de Duitstalige Gemeenschap, aldus het advies van de Raad van State.

Om geen juridisch vacuüm in het leven te roepen, stelt een overgangsbepaling evenwel dat de huidige leden van voornoemde Commissie in dienst blijven tot de Duitstalige Gemeenschap zelf bij decreet de regels voor het vastleggen van de Duitse rechtsterminologie organiseert overeenkomstig artikel 4, § 1, van de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap.

Berni COLLAS.
Anne-Marie LIZIN.
Christine DEFRAIGNE.
Philippe MAHOUX.
Paul WILLE.
Myriam VANLERBERGHE.
Sabine de BETHUNE.
Jean-François ISTASSE.
Francis DELPÉRÉE.

--------------------------------------------------------------------------------

WETSVOORSTEL

--------------------------------------------------------------------------------

Hoofdstuk 1

Algemene bepaling

Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Hoofdstuk II

Wijzigingen van de wet van 31 mei 1961 betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken, het opmaken, bekendmaken en inwerkingtreden van wetten en verordeningen

Art. 2

Artikel 1 van de wet van 31 mei 1961 betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken, het opmaken, bekendmaken en inwerkingtreden van wetten en verordeningen wordt aangevuld met de volgende leden :

« Binnen de grenzen van de begrotingskredieten die hij ter beschikking heeft, verzekert de Centrale Dienst voor Duitse vertaling van de federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken de vertaling van de wetten in de Duitse taal. Op voorstel van die dienst en na advies van de regering van de Duitstalige Gemeenschap legt de minister van Justitie op regelmatige tijdstippen de lijst vast van de wetten die in het Duits moeten worden vertaald, afhankelijk van het belang dat ze hebben voor de inwoners van het Duitse taalgebied en met voorrang voor de voornaamste teksten, alsook voor het tot stand brengen van officieuze coördinaties in het Duits. Bij het verrichten van dat vertaalwerk neemt vermelde Dienst de terminologie in acht die eventueel is vastgesteld door het orgaan dat daartoe bij decreet is aangewezen door het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap.

De Duitse vertaling van de wetten wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt, binnen een redelijke termijn na de bekendmaking ervan in het Nederlands en het Frans. ».

Hoofdstuk III

Wijziging van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966

Art. 3

In artikel 40, tweede lid, van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, wordt tussen de tweede en de derde volzin een bepaling ingevoegd, luidende :

« Berichten en mededelingen in het Duits worden zonodig en binnen de grenzen van de begrotingskredieten ter beschikking gesteld van het Duitssprekende publiek. ».

Art. 4

In artikel 56 van dezelfde gecoördineerde wetten, gewijzigd door de wet van 20 juli 1979, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

A) § 1, zesde lid, wordt opgeheven;

B) tussen § 1 en § 2 worden de volgende paragrafen ingevoegd :

« § 1bis. Binnen de grenzen van de begrotingskredieten die hij ter beschikking heeft, zorgt iedere minister in zijn bevoegdheidssfeer voor de Duitse vertaling van de koninklijke en ministeriële besluiten. Hij legt daartoe op regelmatige tijdstippen de lijst vast van de teksten die in het Duits moeten worden vertaald, afhankelijk van het belang dat ze hebben voor de inwoners van het Duitse taalgebied en met voorrang voor de voornaamste teksten, alsook voor het tot stand brengen van officieuze coördinaties in het Duits. Bij het verrichten van dat vertaalwerk neemt de bevoegde minister de terminologie in acht die eventueel is vastgesteld door het orgaan dat daartoe bij decreet is aangewezen door het Parlement van de Duitstalige gemeenschap.

De Duitse vertaling van de koninklijke en ministeriële besluiten afkomstig van de federale overheid wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt binnen een redelijke termijn na de bekendmaking ervan in het Nederlands en het Frans.

§ 1ter. De wetten en verordeningen kunnen bovendien een andere wijze van bekendmaking van de koninklijke en ministeriële besluiten uitvaardigen, alsook van de vertalingen bedoeld in § 1bis. »

Hoofdstuk IV

Slotbepaling

Art. 5

De Koning bepaalt de datum van inwerkingtreding van deze wet bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.

28 november 2005.

Berni COLLAS.
Anne-Marie LIZIN.
Christine DEFRAIGNE.
Philippe MAHOUX.
Paul WILLE.
Myriam VANLERBERGHE.
Sabine de BETHUNE.
Jean-François ISTASSE.
Francis DELPÉRÉE.

--------------------------------------------------------------------------------

(1) De term « voornaamste » is afkomstig van de benaming van de Commissie « belast met de voorbereiding van de Nederlandse tekst van de Grondwet, de Wetboeken en de voornaamste wetten en besluiten », die werd ingesteld bij koninklijk besluit van 5 april 1954 (Belgisch Staatsblad van 10 april 1954).

(2) Krachtens een overeenkomst tussen de FOD Binnenlandse Zaken en de Duitstalige Gemeenschap, zorgt de Centrale dienst voor Duitse vertaling in Malmedy tijdelijk en gratis, voor rekening van die Gemeenschap, de vertaling in het Nederlands en het Frans van de decreten en besluiten die ze uitvaardigt.

(3) Officieel betekent hier vastgesteld door de Koning.

(4) Fragment van een brief van 12 juni 1978 van de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, de heer H. Boel aan de eerste minister, de heer L. Tindemans.

(5) B. Bergmans, « Le statut juridique de la langue allemande en Belgique », Bruylant, Brussel, 1988, blz. 94.

(6) Het betreft artikel 76 van de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap en om artikel 56, § 1, van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966.

--------------------------------------------------------------------------------



Terug naar het overzicht